Zou het door haar schuchterheid gekomen hebben dat de stem van Florence Shaw, zangeres bij Dry Cleaning zo achteraan in de mix zat? Op plaat hoor je tenminste nog de droge teksten van de frontvrouw, live leek het of ze met haar zingen enkel een flinterdun laagje geluid toevoegde aan de shoegaze. De drie gitaristen en de drummer speelden luid en virtuoos, de muziek had indrukwekkende baslijnen en prachtige stukken gitaar, maar we misten de fluisterende zaagteksten die het geluid van deze band zo uniek maken. Wat overbleef was bijna een instrumentale versie van hun prachtige nummers. Zonde.
Zowel bij Dry Cleaning als bij King Hannah was er weinig volk, maar een wolkbreuk buiten wierp deel vluchtenden binnen in Le Garage. Hannah Merrick bleef er onverstoord bij, en werkt verder aan wat de laatste set was van een zeven weken durende tournee. “We’re King Hannah, and … well, that’s it” was de enige zin die ze in die vermoeide toestand nog wou opperen, maar meer hoefde ook niet, want de muziek sprak voor zichzelf, en de set baadde in een nonchalant sfeertje. Go Kart Kid (Hell No!) werd bij het kalme begin wel geplaagd door de beats van de Balzaal, daar was nu eenmaal geen ontkomen aan op dit festival.
Eindelijk kregen we eens een volle wei te zien, voor het verjaardagsfeestje van Charlotte De Witte. Deze had dit weekend al Tomorrowland geopend, Tomorrowland afgesloten, en mocht nu ook Dour komen afsluiten op The Last Arena. Ze was ook nog van plan om de Vlasmarkt in Gent op stelten te gaan zetten, maar dat wisten we natuurlijk nog niet.
Ze liet direct de zware beats van The Realm inbeuken op het publiek, en dat miste zijn effect niet, iedereen houdt tegenwoordig van haar. Ze gooide hartjes, waaide haar haren goed, lachte breed en zorgde met haar frisse verschijning voor beeldmateriaal dat op grote schermen achter en naast haar werden geprojecteerd. Dat leek geen verwaarloosbaar onderdeel van dit spektakel, en leek een deel van de verklaring van de haar populariteit.
Terwijl Charlotte De Witte vandaag haar drieëndertigste verjaardag verder vierde met vette beats, stond tegelijkertijd In La Petite Maison dans La Prairie Lefto terug te kijken op zijn carrière van dertig jaar in het vak.
Dat deed hij aan de hand van platen die voor hem belangrijk waren geweest, terwijl beelden werden geprojecteerd uit de oude doos, van toen hij een jonge snaak was, tot recent. Aangezien we zelf die hele periode ook bewust hebben meegemaakt was dit een behoorlijk emotionele belevenis. Herinneringen kwamen terug, aan optredens, hier op Dour en elders. We waren erbij wanneer hij op dit eigenste Dour festival een superbe set speelde, in een overvolle tent, en een schijf van de toen nog niet zo populaire Kendrick Lamar dropte. We herinnerden ons die keer dat in Gent, toen hij die banger van TNGHT draaide. Er waren beelden van de moddereditie van Dour, er waren zijn vrienden die de revue passeerden, grote namen in de muziekwereld op soms onbeholpen momenten (haha, Gilles Peterson in kimono!).
De muziek daarbij volgde hetzelfde idee, en bestond uit een opeenvolging van platen die refereerden aan sleutelmomenten uit die decennia. Flying Lotus, die hij al vroeg naar Dour had gehaald, Badbadnotgood, die vrienden aan huis zijn geworden. Dikwijls ontging ons de context, maar herinnerden we ons ook de plaat als een mijlpaal: Erykah Badu, DJ Shadow, Skepta, Lil Louis, James Blake…
Het terugkijken maakte ons bijna melancholisch, maar Lefto hield de stemming vrolijk en zond ons heen met een warm “tot volgend jaar, Dour”.
We hadden, zoals we hadden voorzien, het podiumpje van Rockamadour gemist, maar ook weer niet zo erg. Toch sloten we af met Queen Ahser Ft. Rehema Tajari, een moeder en dochter uit Tanzania met afrobeats. Dit zou perfect geweest zijn in Rockamadour, maar stond nu in Le Labo. De moeder achter de laptop zorgde voor beats die klonken als een op hol geslagen casio-keyboard, de dochter rapte in een taaltje dat we niet verstonden.
Op welk ander festival zou dit een gepaste afsluiter zijn? Enkel Dour toch?