Azealia Banks stond nog niet op onze radar. Maar toen de Botanique aandrong om iemand te sturen, werd ondergetekende als Chinese vrijwilliger aangeduid. Die luisterde zich wat in, zakte af naar de kruidtuin, gaf oren en ogen de kost, en kwam terug met stijve dansspieren en een blind vertrouwen in de smaak van de programmatoren.
Het publiek leek wel blijven hangen na de pride optocht van vorige zondag. Er waren opvallend veel opgesmukte jongeren die leken te spelen met hun genderidentiteit. De clubsfeer zat er goed in, ook bij de voorprogramma’s, die zich in hoog tempo opvolgden, telkens met eenzelfde opstelling: een DJ die draait, een zangeres die performt.
Veel om het lijf had het niet, ook letterlijk. Eerst was er Soo Joo, een fotomodel en architecte die haar geluk nu in de muziekindustrie beproeft. Daarvoor zong ze liefdesliedjes met een ijl stemmetje over wat dansbare technobeats uit de draaitafels van haar DJ.
Miss Madeline was van hetzelfde laken een kort broekje. In haar geval bestond dat uit een stevige portie autotune en suggestief kontgewuif op ranzige barbiepop.
Zelfde recept, andere DJ, andere zangeres: Swank Mami zong op loeiharde bassen in FWU dat ze niet met ons kon neuken. Voor alle duidelijkheid: niemand had daarom gevraagd. Muzikaal was dit nog het best van de drie.
Op Azealia Banks zelf was het langer wachten, en dat werkte wel wat op de zenuwen. Tweeëntwintig minuten na het officiële startuur begon de DJ op te warmen, met wat plaatjes die de sfeer op peil brachten. Maar het duurde nog eens twintig minuten eer Banks zelf kwam opdagen.
Le beau monde se fait attendre, zoveel was duidelijk: ze zag er beeldig uit in haar rood-met-gouden barokke broekpakje, met gigantische mouwen en al even indrukwekkende epauletten. Het publiek maalde niet om het lange wachten en ging alleen al bij de minste wenk van de artieste volledig uit de bol en zong luidkeels grote delen tekst mee.
In Treasure Island liet Banks even horen dat ze een goede stem had die de gevordere acrobatieën uit de R&B zou aankunnen, maar al snel rapte ze gewoon vuilgebekt over eenvoudige, maar bedwelmende house beats.
Toen later de rookmachine moest worden afgezet, ontstond wat chaos. Daardoor vergat ze dat ze voor Yung Repunxel het enige attribuut op het podium nodig had: een mega-grote megafoon. Zo groot dat een roadie leek te moeten komen helpen om hem vast te houden. Maar de felle Azealia hief die toch helemaal zelf voor de micro en schreeuwde zich de stem uit het lijf. Nadien gooide ze de megafoon onzacht weg, alsof ze het ding beu was, en het afdankte.
Het waren niet alleen Banks’ epauletten die aan Janet Jackson deden denken, ook in de muziek en attitude leken er parallellen te trekken. Veelal waren de nummers op house geënt, soms op wat hardere of monotonere dansmuziek, maar altijd was het op maat gesneden voor een avond in de club.
Haar recentste hit, New Bottega, had strakker gekund, maar niet leuker. Daarna volgde nog snel haar grootste hit 212 en dan was het gedaan.
Ze stond drie kwartier op het podium, maar in die tijd pakte ze wel het publiek in. Het had wat langer mogen duren, maar de diva gaf niet toe, en wat maakte het ook uit: we hadden ons kostelijk geamuseerd, en de volgende keer staan we allicht volledig vrijwillig in het publiek.