De tent van Le Garage lijkt al goed vol als we het veld komen opgestrompeld. Maar niks is minder waar, het is enkel dat er tijdens Wiegedood een gigantische circle pit in het publiek is die iedereen verder naar buiten duwt dan gewoonlijk.

Waarom is het OK dat naar het bier stinkende, agressieve mannen het centrale deel van de vloer opeisen om elkaar wat stampen uit te delen? Is het voldoende dat enkele vrouwen zich moedig genoeg voelen om er tussen te springen? We vroegen het ons af tijdens de set van Wiegedood, die als een trein in rotvaart voorbij raasde.
Er gebeurde wat altijd gebeurt als het goed zit: de muziek werkte in op meerdere niveau’s van de hersenen, het geheel van het geluid werd groter dan de som van de partijen van elk instrument, het gebrul klonk als een natuurlijke manier van zingen. Het is zelden dat we in deze staat van vervoering geraken, maar Wiegendood bracht ons daar. Bijna vergaten we de stinkende agressieve mannen rondom ons, tot we een stamp incasseerden, tot we een pint over ons kregen. Allemaal onder het mom van kameraadschap natuurlijk, maar toch.
We wilden eigenlijk Daphni zien, maar waren te benieuwd hoe dEUS het er vanaf zou brengen op het hoofdpodium, voor een publiek dat misschien niet even vertrouwd is met hun werk als men dat ten Noorden van de taalgrens is.
Opener How to replace it ontpopte zich als een blijver uit de nieuwe plaat. Een fantastische song, en met de bombastische paukenslagen aan het begin een ideale binnenkomer. Tom Barman had een kreeftenkostuum aan, zoals in de pas uitgebrachte video. Niet alle nummers van het nieuwe album zijn van dat niveau. We betwijfelden of we ooit fan zullen worden van 1989 bijvoorbeeld.
dEUS weet ondertussen wel hoe ze een festival moeten inpakken: met hits. Wij waren voor de zoveelste keer ondersteboven van Instant Street, en er werd afgesloten met Suds and Soda. Het leek wat los uit de pols allemaal, Tom Barman permitteerde zich enkele slordigheden, vertelde wat onbeholpen (maar in vlot Frans) dat ze zich heel strikt aan de curfew gingen houden, want dat het nogal duur was om over tijd te gaan, en Mauro’s stem zat niet altijd goed in de mix. Maar desondanks was dit een geslaagd optreden.
In Le Rockamadour gaf Carla Naté “een eigen draai aan reggaeton als eerbetoon aan een kunst die maar al te zeer misbruikt is”, volgens de tekst van Dour. Het bleek code voor “we zetten twee schaars geklede danseressen voor de DJ-booth en laten hen hypersexueel dansen”. Dat was de eerste indruk in ieder geval, maar eigenlijk: het gezelschap amuseerde zich rot met de reggaeton-beats die de DJ vernuftig in elkaar mixte. De macho stage manager moest hen bijna van het podium duwen nadat ze bleven dansen, terwijl hij hen net had geforceerd om de decks buiten tijd over te geven aan de opvolger.
Originele muziek en een uitzinnig feest, wanneer zijn we ooit die basisbeginsels van DJ’en vergeten, Avalon Emerson? Haar blijven we aanstippen op ons festivalparcours, omdat ze een ‘DJ-kicks’-plaat opende met een cover van The Magnetic Fields’ Long-Forgotten Fairytales, en omdat ze de rest van de plaat nog verrassende, gevarieerde, interessante en goede muziek selecteerde.
Maar de liefde is wat aan het bekoelen. Vorig jaar was er nog de late set, waar we op hadden gewacht, maar die uiteindelijk teleurstelde. Dit jaar murwden we ons tot vooraan in De Balzaal om tot dezelfde vaststelling te komen: het is standaard dansmuziek die ze draait, niet van andere dansmuziek te onderscheiden zonder zich te verliezen in allerlei techniciteiten en subgenre’s. “Saai” is allicht het woord van toepassing.
Ook Caribou kon je bezwaarlijk gaan beschuldigen van een slag van de inspiratiemolen. Aan hun opstelling op het podium is in al die jaren geen zier veranderd, en ook hun muziek lijkt al die tijd gewoon meer van hetzelfde. Waarom Dan Snaith na zijn DJ-set als Daphni eerder nog de behoefte voelde om te herinneren aan de catalogus die hij onder de noemer Caribou bij elkaar had geschreven weten we niet, maar tegen stribbelen op klassiekers als Sun bleek eens te meer onmogelijk.
We hadden graag nog gewacht op King Halloumi Alia & Lefto Early Bird, maar er scheidden ons nog drie en een half uur van het begin van die set. Tijd vullen dan maar, en eens langs gaan in Le Labo, waar de Franse jonge rapper J9ueve zich mocht komen presenteren.
Door technische problemen begon hij te laat aan de set en moest zijn DJ de eerste vijftien minuten het publiek onderhouden. Die profiteerde van zijn moment en draaide enkele hits aaneen die we moesten shazammen, maar bijvoorbeeld Vin Italien van yvnnis was onze jaarlijkse herinnering dat we toch heel wat mooie muziek missen door onze oogkleppen al te veel te richten op Engelstalige muziek. Spijtig dat j9ueve zelf toch nog een microfoon vond en de vocoder in gang kon zwengelen, want zijn melige raps waren om snel te vergeten.
Tegen dat King Halloumi Alia & Lefto Early Bird op het podium stonden lagen we al te pitten, met het voornemen om de laatste dag van Dour niet af te laten voor Aphex Twin de Last Arena heeft gesloten. Dat zou ook wel een uitdaging kunnen worden.
Geschreven voor daMusic