Het was vrijdagochtend als we op Dour arriveren. De derde dag van dit vijf dagen durende festival zou gaan beginnen, maar het was pas dan dat we klaar waren om ons te smijten. Het is de schuld van een drukke job, een familieleven, en de kapitalistische maatschappij in het algemeen.

Op de vlakte tussen de windmolens waar het Dour festival zich afspeelt waren een handvol mensen, degene die via de ingang aan de Last Arena (het hoofdpodium) toegang hadden: medewerkers, vip’s en perslui. Er was nog niks te zoeken, alle kraampjes waren nog toe, hier en daar liet een technicus eens wat muziek door het geluidssysteem knallen bij wijze van soundcheck.
Deze stilte voor de storm was wat we nodig hadden om eens door het meterslange programma te gaan. Eerlijk is eerlijk, we kenden weinig. Maar zo hebben we graag ons Dour: grasduinen in muziek zonder vooroordelen, het moment zoekend waarop het klikt.
Uit Brussel, en ook een beetje uit Litouwen, kwam Marija Rasa in Le Rockamadour een experimentele soundscape weven, bestaand uit klanken die ze uit haar omgeving had afgetapt. In de goede oude tijd was er veel meer ruimte voor dit soort kunstig experiment. Op Pukkelpop was het in de Chateau niet uitzonderlijk om iedereen in het publiek languit gerekt op de grond aan te treffen, wegdromend op een elektronische droom. Nu is het nog mogelijk, in een goed verborgen hoekje op Dour, waarvoor hulde en dank. Maar het voelde toch eerder aan als een veredelde soundcheck dan een echte performance. Na een half uurtje hield Marija het voor bezien, een half uur van haar toegelaten slot liet ze open. Geen idee waarom eigenlijk, maar misschien was het net dat?
Voor Jazz moet je ook niet echt op Dour zijn. Maar er was wel de uitzondering Emile Londonien. Een basgitarist, een drummer en een toetsenist uit Straatsburg zorgden voor een South-East London vibe in La Petite Maison dans la Prairie. Ze konden daarmee lang geen tent vullen, maar het zorgde wel voor enkele mooie momenten, zoals die solo op basgitaar in het midden van de set.
Op het hoofdpodium, The Last Arena, mocht Biig Piig de dag openen. Ze heeft die naam gekozen als excuus voor eventueel wanstaltig gedrag op het podium, maar de Londonse Jessica Smyth kwam met zulke brave muziek af dat het leek of ze ambieerde om Nouvelle Vague van de troon te stoten als koningin van de restaurant-muzak. Nochtans huppelde ze enthousiast, en zat er aan de tweede helft van de set ook effectief wat vlees, wanneer het wat heftiger mocht, en de nummers meer richting drum’n’bass neigden.
We hebben wat twijfels bij de grote, brand- en windveilige, onpersoonlijke tenten zoals La Petite Maison, Le Labo en de Boombox. Ze missen het karakter dat kleinere plaatsen zoals Le Rockamadour wel hebben. Hier speelden vier DJ’s back to back to back to back: Gem&I, NMSS, Jujulove en HornfFute. Toen we binnenkwamen was er precies een soort Latino feest aan de gang, en de DJ’s dansten achter hun mengtafel in mooie, fleurige outfits. Dit viertal werkt samen in de Brusselse vrijplaats Decoratelier, en speelde hier een bijna vier uur durende DJ-set die mikte op grensoverschrijdend amusement. Eén van de vier had een voorliefde voor folkmuziek en deed ons belanden op wat een Balkan trouwfeest leek te zijn, maar de volgende die overnam draaide donkere R&B van pakweg FKA Twigs, of een duistere remix van Maneater van Nelly Furtado. Eén hield het steevast bij wat strakkere beats. Het zorgde voor heel veel variatie en bovenal pretentieloos amusement.
Precies wat we nodig hadden om in de stemming te komen. We passeerden ook nog eens langs de Dub Corner, nog zo’n plaats waar Dour elk jaar een mooi mini-universum weet te crëren. Hier draait het om rootsmuziek en reggae. We pikten een stukje Real Rockers mee, een tweetal dat uit Portugal komt, en het werd weer eens geïllustreerd dat er niet veel nodig is om een goed feestje te bouwen: één draaitafel (de tweede werd onberoerd gelaten), een MC, en een dosis goede plaatjes. Spijtig van de urinegeur die toch wel wat storend werkt als de wind uit de slechte richting komt aangewaaid. Misschien volgend jaar toch proberen die opstelling wat te optimaliseren?
In de Boombox waren we nog niet geweest, en we waagden onze kans voor M Huncho. Iemand die, dixit Dour, de hitlijsten in Engeland domineert en dat dreigt ook hier te gaan doen. De door de vocoder gemangelde raps konden weinig overtuigen. Hij was gemaskerd, wat veronderstelt dat we nieuwsgierig moesten zijn naar diens identiteit, maar eigenlijk zal het ons worst wezen, zijn “trapwave” klonk daarvoor niet interessant genoeg.
Er werd tegengewicht geboden tegen al die Engelse hip-hop pretenties door de Franstalige woordkunstenaar PLK, en later door Lomepal. De eerste is hip hop pur sang, met alle cliché’s die bij het genre horen, waarvan vooral de geweerschoten tussen de nummers op de zenuwen werkten. Van Lomepal pikten we in het naar huis gaan een melige hit mee, de door het voltallige publiek meegezongen Trop Beau, en het is waar: het was te mooi hoe een vol veld mensen, mobieltje in de lucht dit nummer mee zongen.
Maar we hadden afgesloten met simpele pop-punk van het Ierse The Clockworks. Er is namelijk nog een tentje met wat karakter, Le Garage, toegewijd aan de gitaarmuziek. Dour is de voeling met de gitaren al een tijdje kwijt, en de schamele bende die kwam opdagen als publiek was daarvan getuige. Maar de aanwezigen leefden zich wel uit op de muziek die het midden hield tussen de jonge Arctic Monkeys en Franz Ferdinand, en zorgde voor veel enthousiasme.
Zaterdag is een nieuwe dag, met veel dingen om naar uit te kijken: Daphni, Avalon Emerson (die Pedro Winter komt vervangen), Caribou, Peggy Gou, Le Motel en King Halloumi Alia & Lefto Early Bird zijn de dingen die we aangestipt hebben. Maar we laten ons vooral leiden door de stemming van de moment.
Geschreven voor daMusic