Het is weer vakantie. Dag één: wandelen door Brussel en op café zitten met koffie of aperitief, en schrijven in een schriftje. Onder het wandelen wat foto’s nemen.
Onze aannemer gaat ons precies ghosten, terwijl hij eigenlijk onze keukenvloer moet komen herstellen. Van alles wat we gedaan hebben in de verbouwing is bijna niks gelukt zonder dat het moest overgedaan worden. De badkamer, de vensters, en nu dus de keukenvloer. Maar sinds donderdag antwoordt de aannemer niet meer op berichtjes en neemt hij de telefoon niet meer op.
De vrouw en het kleintje hebben een reis naar Belgrado geboekt om buitenshuis te zijn tijdens de werken, zelf ga ik bij mijn ouders blijven. Ik ging twee weken verlof nemen, eigenlijk zou ik ook ervan kunnen profiteren en op reis gaan in mijn eentje. Misschien doe ik dat wel.
De mogelijkheden die in mijn gedachten spelen: Londen, Nederland en Marseille. Nederland met de fiets trekt me nog het meest aan. Marseille is dan weer een beetje zon. Misschien zou Barcelona ook niet slecht zijn? Dat is lang geleden. Londen blijft een ondoorgrondelijke stad voor mij, en misschien wil ik nog wel eens een poging wagen. Allicht laat ik het ook van de prijs afhangen. Zoveel geld heb ik niet.
Of ik blijf gewoon thuis, dat kan ook.
Marnixgebouw (ING), de favoriete bank van Leopold II
Koning Leopold II er rechtover. Deze keer niet al te erg beklad met bloedkleurige verf.
Ik ben tot in Ukkel gewandeld. Vrienden van ons zijn naar hier verhuisd, we zien ze sindsdien bijna nooit meer. Het is echt de andere kant van Brussel, en doet wat aan Knokke denken.
De bar waar ik zit is niet te vinden op OpenStreetMaps. Ik ben op stap met een boek en enkel mijn “minimalistische” telefoon, dus ik schrijf dit in een schrift met een pen. Digitale detox. Wat ook betekent dat ik rondwandel op het gevoel. Mijn richtingsgevoel in Brussel is ondertussen goed genoeg om niet te erg verloren te lopen.
Altitude 100, de Sint-Augustinuskerk ziet er niet meer in heel goede staat uit.
Blijkbaar heb ik zelfs “Gezondheid” van mijn minimalistische telefoon gegooid. Super! Alleen weet ik niet hoever ik nu heb gewandeld. Maakt niet uit: ik weet waar ik ben. Brasserie Verschueren, één van de vaste adressen in Brussel. Volgens Bruzz een verzamelplaats van anarchisten die de gewelddadige revolutie prediken, maar voor mij gewoon een café waar ik me goed voel. Het zo tussen trashy en hipster hier, het is hip als je wat stinkt.
De stand van de voetbal in Brasserie Verschueren. Geen idee of dat nog up to date is.
Daarnet ben ik langs Place Bethlehem gepasseerd. Daar voelde ik me iets minder op mijn gemak. Ik had er wel wat foto’s willen nemen maar andere artikels uit Bruzz spookten door mijn hoofd.
Nochtans hebben we er acht jaar geleden een paar maanden gewoond, toen kleintje pas geboren was. Ik heb leuke herinneringen aan een hete zatte zomeravond daar op een terras op dat plein.
Straks stap ik in de metro om snel thuis te zijn. Zes uur wandelen is genoeg geweest.