‘t Is wel een beetje raar, tweeënvijftig jaar, trillend op mijn benen.

Dat is wat ik Hennie Vrienten ooit eens hoorde zingen. Geen idee meer wanneer, want ik heb Doe Maar maar één keer live gezien, en toen was hij toch wel al ouder dan tweeënvijftig denk ik.

Ik weet ook niet meer waarom hij trilde op zijn benen, maar het gevoel herken ik ondertussen wel: de ouderdom, die eraan komt. Het rare is, ik herinner me nog goed hoe oud ik mijn ouders vond toen zij vijftig werden. En nu lijkt het voor mezelf alsof dat alles welbeschouwd nu ook weer niet zó oud is. Ik veronderstel dat dat zo zal doorgaan, tot ik doodga.

De taart was lekker, de cadeau is goed bevonden, en we hebben tijd met familie gespendeerd. Het was een mooie verjaardag. ’s Avonds ben ik naar BXL Jazzfestival geweest voor een optreden van The HelioCentrics, en dat was ferm de moeite.

Het leukste was de avond vooraf: het kleintje had een pyjama-party bij een vriendien, dus wij hadden de avond vrij. We zijn gaan eten bij iOda, een superlekker vegetarisch restaurant. We zaten aan de bar, want van daaruit kun je de open keuken in de gaten houden. Alleen waren de barstoelen wat ongemakkelijk, waardoor achteraf feesten te lastig werd. Het weer hielp ook niet. We zijn dan maar naar huis gegaan.

Ik aanvaard dat wel, de ouderdom. Soms. Meestal.